Richtlijnen en convenanten

SPH volgt de wettelijke verplichtingen op het gebied van MVB, maar onderschrijft daarnaast verschillende (internationale) richtlijnen op het gebied van maatschappelijk verantwoord beleggen.

UN Global Compact

De UN Global Compact is een initiatief van de Verenigde Naties met als doel bedrijven wereldwijd aan te moedigen een ESG-beleid te ontwikkelen en daarover te rapporteren. Dat doet SPH jaarlijks.

Principles for Responsible Investment

Daarnaast hebben we de Principles for Responsible Investment (PRI) ondertekend. Zes jaar na de start van de UN Global Compact zijn voor institutionele beleggers de VN-richtlijnen voor verantwoord beleggen (PRI) geïntroduceerd. Eind 2016 hebben 1600 institutionele beleggers - waaronder SPH - deze richtlijnen ondertekend. Beleggers willen met het ondertekenen van deze richtlijnen een positieve bijdrage leveren aan het milieu, de maatschappij en goed bestuur (Environment, Social, Governance). SPH rapporteert hier jaarlijks over.

Uitsluitingsbeleid

Wij baseren ons uitsluitingsbeleid voor staatsobligaties op het sanctie- en embargobeleid van de Verenigde Naties. Voor zakelijke waarden - zoals aandelen en vastgoed - baseren wij ons op de Nederlandse wet- en regelgeving. Door ons beleid zoveel mogelijk af te stemmen op het raamwerk van de Verenigde Naties, hanteert SPH een consistent, controleerbaar en breed gedragen beleidskader voor maatschappelijk verantwoord beleggen.

Sustainable Development Goals

Ook volgt SPH de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Dit zijn 17 duurzame ontwikkelingsdoelen die de wereld tot ‘een betere plek moeten maken in 2030’. Lees meer over SDG's van de Verenigde Naties op www.sdgnederland.nl.

IMVB-convenant

In 2014 adviseerde de Sociaal Economische Raad (SER) om per bedrijfssector met alle betrokkenen een internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen-convenant (IMVB-convenant) af te sluiten. Een voorbeeld hiervan is het convenant voor duurzame kleding en textiel. Vele sectoren moeten zo’n convenant nog opstellen. Bij onze beleggingen kijken wij of een bedrijf een convenant heeft ondertekend en daar ook invulling aan geeft.

Sustainable Finance Disclosure Regulation

SPH voldoet aan de Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR). In dat kader is voor u als deelnemer het volgende van belang.

SPH streeft geen milieudoelstelling zoals gedefinieerd in de EU Taxonomieverordening na. De beleggingen van de pensioenregeling kwalificeren daarmee niet volgens de criteria van de EU Taxonomieverordening. Het beginsel “geen ernstige afbreuk doen” is alleen van toepassing op de onderliggende beleggingen van het financiële product die rekening houden met de EU-criteria voor ecologisch duurzame economische activiteiten. De onderliggende beleggingen van het resterende deel van dit financiële product houden geen rekening met de EU-criteria voor ecologisch duurzame economische activiteiten.

Wat is voor u als deelnemer van belang?

Precontractuele informatie (laag 2)

Bij beleggingsbeslissingen houdt SPH rekening met duurzaamheidsrisico’s. SPH neemt aan dat MVB-aanpassingen in de beleggingsportefeuille op de lange termijn geen negatief effect hebben op de rendement/risicoverhouding . We identificeren duurzaamheidsrisico’s met behulp van ESG-scores die een onafhankelijke partij heeft vastgesteld. Aan de hand van die ESG-scores identificeren we bedrijven die laten zien dat ze maatschappelijk verantwoord ondernemen belangrijk vinden. De ESG-scores identificeren ook de duurzaamheidsrisico’s die financieel effect kunnen hebben op de beleggingen. Vanuit deze gedachte, en waar passend bij onze beleggingsstrategie, past SPH ESG-integratie toe. Voor de portefeuille aandelen ontwikkelde landen hanteert SPH op basis van ESG-scores een positieve selectie. Voor bedrijfsobligaties maakt een aantal vermogensbeheerders gebruik van een eigen ESG-integratiestrategie om ervoor te zorgen dat relevante informatie over de duurzaamheidsprestaties van ondernemingen wordt meegenomen in het beleggingsproces.

Duurzaamheidsrisico's

SPH streeft ernaar om de rendementseffecten van duurzaamheidsrisico’s te analyseren. Zo hebben we eind 2020 een klimaatrisico-scenario gebruikt om de impact van klimaatverandering op economische groei en de kosten voor mitigatie van klimaatverandering te vertalen naar de impact op rendement per beleggingscategorie. Tot nu toe hebben we onze strategische beleggingskeuzes op basis van deze informatie niet aangepast. Vanaf 2021 nemen we deze informatie structureel mee in onze beleidskeuzes.

De duurzaamheidsrisico’s waar SPH op stuurt en welke het fonds monitort zijn onder te verdelen in drie soorten risico’s:

1. Ecologische, sociale en governance risico’s
2. Klimaatrisico’s
3. Controverses

1) Ecologische, sociale en governance risico’s

Ecologische risico’s
Het rendement van de belegging kan (negatief) beïnvloed worden wanneer de instelling waarin belegd wordt betrokken is bij een gebeurtenis met een (negatieve) impact op het milieu, waaronder klimaat, gebruik van hulpbronnen, afval en vervuiling.

Sociale risico’s
Het rendement van de belegging kan (negatief) beïnvloed worden wanneer de instelling waarin belegd wordt betrokken is bij een gebeurtenis met een (negatieve) impact op gezondheid, veiligheid, mensenrechten, arbeidsnormen, illegale praktijken of andere sociale aspecten.

Governance risico’s
De bedrijfsvoering (governance) van instellingen waarin belegd wordt kan het rendement op de belegging negatief beïnvloeden door bijvoorbeeld suboptimale zakelijke ethiek, concurrentie of gebrekkige omgang met regelgeving en risk management.

SPH heeft inzicht in hoe goed zijn liquide portefeuilles presteren op het gebied van ecologische, sociale en governance risico’s aan de hand van ESG-ratings. Het monitort deze risico’s en stuurt bij waar relevant.

2) Klimaatrisico’s

Klimaatgerelateerde en andere milieu risico’s zijn onderverdeeld in twee categorieën:

• Risico’s gerelateerd aan de transitie naar een koolstofarme economie en
• Risico’s gerelateerd aan de fysieke impact van klimaatverandering.

Transitierisico’s
Het aanpassen aan een koolstofarme en milieutechnisch duurzame economie kan direct of indirect effect hebben op het rendement van de beleggingen. Dit kan bijvoorbeeld door nieuwe regelgeving, technische vooruitgang, veranderingen in marktsentiment, veranderingen in klantvoorkeur of veranderingen in maatschappelijke normen en waarden.

Fysieke Risico’s
Verandering in klimaat zoals de frequentie en intensiteit van extreem weer, evenals de geleidelijke verandering in gemiddelde temperatuur en milieuvervuiling in lucht, water en land kunnen, samen met de veranderende biodiversiteit en ontbossing, gevolgen hebben voor het rendement van de belegging. Fysieke risico’s kunnen nog verder onderverdeeld worden in acute en chronische risico’s, die ieder een andere soort effect kunnen hebben op het rendement van de beleggingen. Acute risico’s ontstaan bij extreme gebeurtenissen als overstromingen, droogte en stormen. Chronische risico’s komen voort uit geleidelijke veranderingen zoals temperatuurstijging, zeeniveau stijging en verlies van biodiversiteit.

SPH monitort de CO2-uitstoot van de aandelenportefeuilles en vastrentende waarden portefeuilles.

3) Controverses

Voor risico’s gerelateerd aan controverses wordt beoordeeld of de bedrijven in portefeuille zich houden aan internationale normen, zoals UN Global Compact, de OESO-richtlijnen voor multinationale ondernemingen en de UN Guiding Principles on Business and Human Rights. Schendingen van internationale normen kunnen leiden tot rechtszaken en claims met als gevolg financieel verlies voor de belegger.

SPH rapporteert over deze risico’s in het halfjaarverslag over normatieve engagement en uitsluiting.

MVB-beleid

De pensioenregeling van SPH steunt onder andere ecologische of sociale kenmerken of een combinatie daarvan, maar heeft duurzame beleggingen niet als doel. De belangrijkste doelstelling van SPH is zorgen voor een goed pensioen voor alle deelnemers. Bij het beleggen voor een goed pensioen volgen we een maatschappelijk verantwoord beleggen beleid. SPH voert een beleid dat is gericht op de beheersing van ESG-risico’s. Dat betekent onder meer dat vergoedingen geen prikkels bevatten die aanzetten tot het nemen van onverantwoorde ESG-risico’s. Het beleid gebruikt de volgende ESG-instrumenten: uitsluiting, ESG-integratie, engagement en stemmen.

Twee keer per jaar publiceert SPH een MVB Halfjaarverslag waarin we verantwoording afleggen over de inzet van deze MVB-instrumenten. Ook kunnen deelnemers hierin meer informatie vinden over hoe aan de ecologische en sociale kenmerken van de beleggingen wordt voldaan.

Chat