Veelgestelde vragen Pensioenoverzicht

Jaarlijks ontvangt u van ons uw pensioenoverzicht. Hieronder hebben we de meest gestelde vragen van deelnemers voor u op een rij gezet. Heeft u een andere vraag, bel 030 277 96 40 of stuur een e-mail via advies@huisartsenpensioen.nl.

Pensioenoverzicht

Op het pensioenoverzicht staan de gegevens vermeld die op 1 januari 2020 bij ons bekend waren. Wijzigingen die na 1 januari 2020 door ons zijn verwerkt, zijn niet meegenomen in dit pensioenoverzicht.

De premie die u betaalt is verdeeld in vier componenten op basis van uw inkomen en gewerkte uren, plus een vaste premie voor het tijdelijk aanvullend partnerpensioen en het extra aanvullend wezenpensioen. De componenten op basis van uw inkomen en gewerkte uren zijn:

  1. 78% is bestemd voor uw ouderdomspensioen, inclusief bijdrage aan de buffer;
  2. 13% is bestemd voor het partnerpensioen, inclusief bijdrage aan de buffer;
  3. 5% is bestemd voor de risicoverzekering partnerpensioen, wezenpensioen en premievrijstelling, inclusief bijdrage aan de buffer
  4. 4% is bestemd om de kosten te dekken van het pensioenbeheer, vermogensbeheer en overige kosten.

Uw uiteindelijke pensioenuitkering is mede afhankelijk van de ontwikkeling van de koopkracht. In het pensioenoverzicht tonen wij vanaf dit jaar de koopkracht van uw te bereiken pensioen in een pessimistisch, neutraal en optimistisch scenario. Dit doen we aan de hand van een afbeelding met 3 pijlen, die de bedragen tonen die bij de verschillende scenario's passen.

Een deel van uw premie (circa 44%) komt in de zogeheten buffer. Deze reservering is nodig om de opgebouwde pensioenaanspraken veilig te stellen. Het hebben van een buffer of reserve is bovendien een wettelijke verplichting. Daarnaast is de buffer van SPH bedoeld voor de toeslagverlening. Ieder jaar bekijkt het bestuur of de financiële positie van het fonds het toelaat om een toeslag te verlenen.

Het pensioen dat u tot uw pensioendatum opbouwt bestaat uit twee delen: een redelijk zeker deel (normpensioen) en een in de opbouwfase tot uw pensioendatum onzeker deel (de toeslag).

De opbouw van het normpensioen is bij SPH in vergelijking met andere pensioenfondsen relatief klein en de toeslagverlening bepaalt een relatief groot deel van het toekomstige pensioen.

Het voorwaardelijke deel, toeslag genoemd, wordt jaarlijks door het bestuur vastgesteld en toegekend. Dit bedrag is na deze toekenning een onderdeel van uw reeds opgebouwde pensioen, zoals dit ook in uw pensioenoverzicht wordt vermeld. De toeslagen die in de toekomst mogelijk nog worden toegekend ziet u niet terug in uw pensioenoverzicht bij uw te bereiken pensioen, omdat het vermelden van deze onzekere uitkomsten wettelijk niet is toegestaan.

Niet uitgesloten is dat uw pensioen op uw pensioendatum door toegekende toeslagen hoger is dan het getoonde te bereiken pensioen maar wij kunnen en mogen hier niet van uitgaan. Mede hierdoor is het dus niet mogelijk om een prognose te geven van het exacte bedrag dat u vanaf uw pensioendatum jaarlijks gaat ontvangen. Bovendien is het door ontwikkelingen in de markt, zoals een wisselende hoogte van de rente, ook niet mogelijk om het exacte bedrag aan te geven.

SPH streeft ernaar om uw pensioen ieder jaar te verhogen met een toeslag op uw opgebouwde pensioen tot nu toe. Deze toeslag heeft dus invloed op de hoogte van uw (te bereiken) pensioen en is een belangrijk onderdeel van de SPH-pensioenregeling. Deze toeslag (in 2019 in totaal 3,1%) bestaat uit twee delen:

  1. SPH volgt de ontwikkeling van de cao-lonen van de overheid. Overigens kan SPH daarvan afwijken als de inkomensontwikkeling van huisartsen daartoe aanleiding geeft (in 2019 1,95%);
  2. Daarnaast proberen we daar bovenop jaarlijks een extra toeslag te geven die van de overheid maximaal 2,25% mag zijn (in 2019 1,15%).

In vergelijking met andere pensioenfondsen bepaalt de toeslagverlening bij SPH een relatief groot deel van het toekomstige pensioen. Het bestuur van SPH stelt jaarlijks de hoogte van de toeslagverlening vast. Het houdt hierbij rekening met de belangen van alle deelnemers. Daarbij kijkt het bestuur naar de financiële positie van SPH en de loonontwikkeling in Nederland.

Omdat we verwachten dat onze toeslagambitie de komende jaren onder druk zal staan, onderzoeken we of dit voor de langere termijn een houdbare situatie is. Over de toekomstige toeslagverlening kunnen en mogen we geen voorspellingen doen. Daarom is deze toeslag dan ook ‘voorwaardelijk’. In het onderstaande schema leest u hoe de toeslagverlening er de afgelopen jaren uitzag.

SPH heeft de afgelopen 5 jaar de volgende toeslagen toegekend:

Datum toeslag 

Hoeveel toeslag?

Wat was ons streven?

Ontwikkeling v/d lonen

Stijging v/d prijzen

1-1-2020

2,00%

5,16%

2,91%

2,60%

1-1-2019

3,10%

4,20%

1,95%

1,70%

1-1-2018

2,79%

3,85%

1,60%

1,40%

1-1-2017

1,40%

2,69%

0,44%

0,30%

1-1-2016

2,12%

3,82%

1,57%

0,60%

Let op: op het pensioenoverzicht worden de toeslagen van de afgelopen 3 jaar getoond.

SPH heeft de afgelopen jaren haar streven (een toeslag van de loonontwikkeling plus 2,25%) niet gehaald. Dit komt voornamelijk door de lage rente, waardoor veel extra geld in de buffer moet blijven. We verwachten dat we de ambitie de komende jaren ook niet gaan halen. Overigens is 2,25% het maximale percentage dat fiscaal is toegestaan.  

De pensioenleeftijd is gekoppeld aan de levensverwachting. Vanaf 1 januari 2018 hanteert SPH de leeftijd van 68 jaar in alle pensioenberekeningen. Hiermee volgen we de oplopende pensioenrichtleeftijd van de overheid. Wij gaan ervan uit dat uw pensioen, als u geen andere keuze maakt, ingaat als u 68 jaar bent. Alle tot nu toe opgebouwde pensioenaanspraken rekenen wij om naar de leeftijd van 68 jaar. U heeft dan een hoger pensioen, maar dit gaat wel later in.

Jaarlijks vraagt SPH u om uw winst uit onderneming (wuo) tijdig door te geven. Als u uw wuo niet tijdig doorgeeft gaan wij uit van een fictieve wuo van € 139.259. U betaalt dan de maximale premie en u bouwt maximaal pensioen op. Heeft u ná de reactietermijn (1 januari) uw wuo doorgegeven, dan heeft u daarvan een bevestiging ontvangen. In het pensioenoverzicht wordt hiermee geen rekening gehouden.

U geeft jaarlijks aan SPH door hoeveel uren u besteedt aan uw werk als vrijgevestigd of waarnemend huisarts. Volgens de Belastingdienst werkt u fulltime wanneer u minimaal 1.750 uren werkt. Heeft u een lager aantal uren opgegeven over 2017, dan delen wij dit aantal door 1.750. Daaruit volgt een percentage zoals staat vermeld in het pensioenoverzicht.

Op het pensioenoverzicht staan de gegevens vermeld die op 1 januari 2020 bij ons bekend waren. Wijzigingen die na 1 januari 2020 door ons zijn verwerkt, zijn niet meegenomen in dit pensioenoverzicht. U kunt bij uw werkgever navragen of de juiste gegevens zijn doorgegeven. Uw werkgever kan wijzigingen doorgeven via dit wijzigingsformulier

U ontvangt van de keuzeverzekeraar afzonderlijk een uniform pensioenoverzicht. Let op: Het pensioen van de keuzeverzekeraar heeft een pensioenrichtleeftijd van 65 jaar. De pensioenrichtleeftijd bij SPH is momenteel 68 jaar. U kunt de bedragen van SPH en de keuzeverzekeraar dus niet zonder meer bij elkaar optellen.

Heeft u vóór 1 januari 2020 een bewijsstuk van ons ontvangen van de verdeling van uw ouderdomspensioen, dan is deze verdeling in dit pensioenoverzicht verwerkt. Het deel dat naar uw ex-partner is overgegaan, vindt u niet terug in dit overzicht. Het ouderdomspensioen dat hier staat vermeld, is het ouderdomspensioen waarop u daadwerkelijk recht heeft. Het opgenomen partnerpensioen is het partnerpensioen dat u opbouwt voor uw (eventuele) nieuwe partner. Uw ex-partner ontvangt eens in de vijf jaar een overzicht van het recht op bijzonder ouderdomspensioen en bijzonder partnerpensioen.

Bij het berekenen van het te bereiken pensioen houden we rekening met de hoogte van de verwachte jaarlijkse toeslag die u gaat krijgen. Op dit moment ontvangt u een lagere toeslag dan die waar we naar streven (de loonontwikkeling + een extra toeslag van 2,25%). Zo kreeg u begin dit jaar een toeslag van 2,00%, terwijl een toeslag van 5,16% ons streven was. We verwachten dat de toeslag de komende jaren ook lager dan onze ambitie zal zijn. Dit komt voornamelijk door de lage rente, waardoor we meer geld in de buffer moeten houden.

We weten niet hoe de ontwikkeling van de rente de toekomstige toeslagen zal beïnvloeden. Daarom gaan we in dit pensioenoverzicht uit van de rentesituatie van dit moment: een lage rente en dus ook een lagere toeslagverlening. Op het pensioenoverzicht ziet u bij de inschatting van het te bereiken pensioen twee scenario’s staan: een scenario waarbij de extra toeslag (naast de loonontwikkeling) jaarlijks 0% bedraagt, en een scenario waarbij de extra toeslag jaarlijks 2% bedraagt. 

Mijn gegevens

Bent u na 1 januari 2020 gehuwd of heeft u een geregistreerd partnerschap, dan krijgen wij de gegevens automatisch door van de gemeente. De gegevens van uw partner staan dan volgend jaar in het pensioenoverzicht vermeld.

Heeft u een samenlevingsovereenkomst met uw partner en u heeft dat nog niet aan ons doorgegeven? Dan vragen wij u een kopie van de gewaarmerkte samenlevingsovereenkomst naar ons op te sturen.

Alleen wanneer u tijdens een actieve periode van opbouw getrouwd bent, een geregistreerd partnerschap bent aangegaan of een notariële samenlevingsovereenkomst bij ons meldt, komt u partner in aanmerking voor partnerpensioen. Wordt uw partner bij ons bekend terwijl u niet meer actief pensioen opbouwt, dan staat op het pensioenoverzicht dat er geen partner bekend is voor wie pensioen is/wordt opgebouwd.

Alle kinderen zijn automatisch verzekerd voor het wezenpensioen. De gegevens van uw kinderen zijn daarom niet afzonderlijk opgenomen in het overzicht. Indien u overlijdt, krijgen wij van de gemeente door of u kinderen heeft.

De hoogte van uw pensioen

Uw pensioenuitkering wordt in dat geval lager. Dat heeft de volgende oorzaken: 

  • U bouwt over de jaren dat u eerder met pensioen gaat geen pensioen meer op;
  • Uw pensioen wordt over een langere periode uitgekeerd waardoor de uitbetaling per jaar lager is. De waarde van uw totale pensioen wijzigt niet.

Uw pensioenuitkering wordt in dat geval hoger. Het opgebouwde pensioen wordt over een kortere periode uitbetaald.

Vanaf het moment dat u 68 jaar wordt, betaalt u geen pensioenpremie meer. Uitstel van uw pensioendatum heeft geen invloed op de hoogte van het partner- of wezenpensioen. U kunt uw SPH-pensioen maximaal uitstellen tot u 73 jaar wordt. Het pensioen dat u bij een keuzeverzekeraar heeft opgebouwd, kunt u maximaal uitstellen tot uw 70e. 

Ja, wel als u dit partnerpensioen heeft opgebouwd bij SPH. Het tijdelijk aanvullend partnerpensioen kan niet worden uitgeruild. Heeft u pensioen bij een keuzeverzekeraar opgebouwd, neemt u dan contact op met de keuzeverzekeraar en informeer of uitruil mogelijk is.

Het is mogelijk om vanaf 62 jaar uw pensioen gedeeltelijk te laten ingaan. Als u gedeeltelijk blijft werken, bouwt u voor dat deel nog pensioen op. Desgewenst kunt u het percentage deeltijdpensioen stapsgewijs verhogen. SPH hanteert vier percentages: 20%, 40%, 60% of 80%. U kunt het gekozen percentage niet meer verlagen als het deeltijdpensioen eenmaal is ingegaan. Verhogen kan wel, mits u natuurlijk minder gaat werken. Vanaf 68 jaar kunt u geen premie meer inleggen voor verdere pensioenopbouw. Deeltijdpensioen is mogelijk tot u 70 jaar bent, daarna wordt het pensioen volledig uitgekeerd. Deeltijdpensioen dient u  6 maanden voor de gewenste pensioendatum aan te vragen bij SPH.

Ja, er gelden dan wel fiscale voorwaarden. In principe is het zo dat uw pensioen maximaal 5 jaar vóór uw AOW-gerechtigde leeftijd kan ingaan. Is uw AOW-leeftijd 68 jaar, dan kunt u vanaf 63 jaar met pensioen. Wilt u toch eerder met pensioen, dan kan dat alleen wanneer u geen inkomen meer heeft uit betaalde arbeid. Wilt u volledig met pensioen, dan mag u niet meer werkzaam zijn. Wilt u deeltijdpensioen, bijvoorbeeld 40%, dan moet u verklaren dat u voor die 40% niet meer werkzaam bent.

Factor A

De factor A is de aanduiding voor de pensioenaangroei in een bepaald kalenderjaar. Deze factor A heeft u nodig voor de formule waarmee u kunt uitrekenen hoeveel lijfrentepremie u maximaal kunt aftrekken van de inkomstenbelasting. Uw accountant of belastingadviseur kan u hier meer over vertellen.

In het pensioenoverzicht staat de factor A van het voorgaande jaar.

Ja, de pensioenaangroei is gebaseerd op uw pensioenopbouw. Als uw pensioenopbouw wijzigt, dan wijzigt ook uw pensioenpremie en daarmee dus ook de factor A.

Algemene informatie

De wuo is uw (praktijk)omzet minus de (praktijk)kosten vóór ondernemersaftrek en zonder de door u betaalde pensioenpremies. Jaarlijks geeft u deze wuo online aan ons door. Vanaf 2016 wordt aan u ook gevraagd hoeveel uren u jaarlijks besteedt aan uw werk als huisarts. In het vierde kwartaal van elk jaar ontvangt u daarover meer informatie.

SPH heeft per 1 januari 2015 een verzekering ingevoerd voor een aanvullende uitkering, bovenop het reglementaire partnerpensioen. Bent u een actieve deelnemer en overlijdt u voor uw pensioendatum, dan ontvangt uw partner een aanvullend partnerpensioen tot hij/zij de AOW-leeftijd bereikt. De hoogte van dit tijdelijk aanvullend partnerpensioen vindt u in uw pensioenoverzicht.

SPH heeft per 1 januari 2018 een verzekering ingevoerd voor een aanvullende uitkering bovenop het reglementaire wezenpensioen. Bent u een actieve deelnemer en overlijdt u voor uw pensioendatum, dan ontvangen uw kinderen een extra aanvullend wezenpensioen tot ze 18 jaar worden, of als ze studeren of invalide zijn tot ze 27 jaar worden. De hoogte van dit extra aanvullende wezenpensioen vindt u in uw pensioenoverzicht.

Staat uw vraag er niet tussen?

Neem dan contact met ons op via advies@huisartsenpensioen.nl of door te bellen naar 030 277 96 40.